Elvenkind

Dit gedicht, “Elvenkind”, plaats ik vandaag op verzoek van mijn moeder op dit weblog. Ze had dit gedicht open staan op haar iMac computer; de originele versie in PDF is hier. .

Dit gedicht werd ook genoemd in het boek “Het jaar van Vivaldi” van Henk Vreekamp (2016) op pagina 140. Onder de titel “Elfenkind” werd dit gedicht eerder geplaatst in Christien’s boek “Van lammertijd tot lammertijd” (BDU, 2012).

Elvenkind

In het vroege ochtendlicht
zag ik uit deze Koningsvaren,
een elvenkind geboren worden
met zijden vleugels en blij gezicht

ze keek me even aan en lachte
verwonderd knielde ‘k bij haar neer,
doorzichtig paars glansden haar vleugels
en alles aan haar was zo teer

ze was niet groter dan een vlinder
ze droeg geen schoentjes aan,
ze fluisterde haast onverstaanbaar
en bleef op blote voetjes staan

soms maakte ze een kleine buiging
waardoor de varenplant bewoog,
de dauwdroppels die trilden even
in alle kleuren van de regenboog

bij de komst van d’ eerste zonnestralen
reikte ze mij haar kleine hand,
voorzichtig ben ik haar genaderd
en was met haar in sprookjesland

ze wilde mij een parel geven
een parel van de dauw,
mijn stem begon heel zacht te beven
toen ik zei: ik hou van jou….

snel is ze toen wel weer verdwenen
in ’t Koningsblad verhuld,
maar nooit, nee nooit zal ik vergeten
de geboorte van het elvenkind

de Koningsvaren wuift vol trots
haar bladeren sierlijk in de wind,
geen wonder, in haar blad verborgen
draagt zij een elvenkind

door Christien Mouw
juni 2009
…..-.-.-.-.-.-.-.-.-…….

groene varen

Blauwe kousen

Dit schrijfstukje verscheen precies acht jaar geleden, 21 mei 2013, op weblog De Veluwenaar. Het gaat over het volgen van je herdershart door gehoor te geven aan de natuurlijke gang en behoefte van je schapen. Omdat ik zelf niet meer goed met de computer kan werken krijg ik wat hulp bij het plaatsen van verhaaltjes en het lezen van reacties. Ik hoop met deze “nevelflarden” nog een mooie appelboom te planten!


Wat bofte ik zeg..! Onlangs werd ik door mijn schoonzusje Beertje opgebeld met de subtiele vraag wat voor schoenmaat ik had. Ze vertelde er gelijk bij dat ze een paar kousen voor me wilde gaan breien, en vroeg of ik de kleur blauw mooi vond. Uiteraard ging ik hier spontaan op in, want een ieder die veel wandelt of heel veel loopt, kan weten hoe belangrijk in deze het dragen van een goede kwaliteit goed passende sokken is..! En gezien de kwaliteit van de door haar handen vervaardigde producten mij wel bekend is, verheugde ik me er terstond op. Na samen enkele praktische gegevens uitgewisseld te hebben, beloofde ze mij om de kousen binnen korte tijd te gaan breien en zodra ze af waren, te zullen komen brengen. Die afspraak heeft ze gehouden…!

Vanmorgen scheen de zon, en leek het een echte lentedag te worden. Ik besloot mijn jas aan de kapstok te laten hangen, en mijn groene kieltje aan te trekken. Daar paste mooi mijn blauwe kousen bij, zo meende ik. Waarmee mijn simpel uitziende lentetooi compleet was.

Maar nauwelijks op pad zijnde met de kudde schapen, kwam Axel van de Weijer ons enthousiast tegemoet fietsen. Axel is dol op dieren en zijn passie is het fotograferen van allerlei diersoorten. Ook hij werd vanmorgen al vroeg door de lentezon gewekt en door haar warme stralen naar buiten gewenkt. Bij het zien van de lammeren die ook mee op pad waren en vrolijk tussen de grote schapen in huppelden, wist Axel niet hoe snel hij zijn camera uit zijn fietstas tevoorschijn moest halen..!
En met de schapen en de vrolijk dartelende lammetjes, bleken ook mijn blauwe kousen op de kiek te zijn komen staan..!

herderin met schapen 1
Christien Mouw met de schapen (1). Foto: Axel van de Weijer.

Onderwijl smulden onze lammeren van de spaarzame groene grassprietjes die ze hier en daar in het bos aantroffen. Onwillekeurig dwaalden mijn gedachten af naar het artikel van journalist Bas den Hond, dat ik onlangs in De Trouw had gelezen, waarin hij de Joodse filosoof Yoram Hazony aanhaalde, die daarin op filosofische wijze de ethiek van een herder beschreef. ‘Herders doen wat de bedoeling is: ‘Zelf op zoek gaan naar wat goed en waar is’. Deze uitspraak zet ons tot nadenken. Maar een ding is zeker; iedere herder, die ervaring heeft met het hoeden van een kudde schapen, zal de essentie en de diepere gedachte daarachter begrijpen en doorgronden.

herderin met schapen 2
Christien Mouw met de schapen (2). Foto: Axel van de Weijer.

In gedachten verzonken trok ik verder met de kudde schaapjes. Peinzend vroeg ik me af, hoe het toch mogelijk kon zijn, dat bepaalde mensen proberen jou daarvan te weerhouden…! Ware het zo, dan nog volgde de herder zijn herdershart door gehoor te geven aan de natuurlijke gang en behoefte van zijn schapen. Immers; anders zou de herder geen herder zijn…!
Yoram Hazony heeft het wezenlijke van het herderschap dan ook treffend verwoord, waar hij schrijft dat de herder zelf op zoek gaat, naar wat goed [voor zijn schapen] is en waar.

Lentevreugde

Geschreven op 1 april 2001; verscheen in de Elisabethbode (2001).

Terwijl de slanke lariksbossen zich langzaam hullen in een waas van groen, druipt de regen nog gestaag langs de dikke beukenbomen naar beneden.

Een gure wind jaagt over de dovenetelbloempjes heen. Verbouwereerd staan ze, gekleed in hun dunne paarse jurkjes, te rillen van de kou.

De groene grassprietjes lijken zich daar echter niets van aan te trekken; ze wiegelen de hele dag, glanzend op hun sprieterige stengeltjes, vrolijk heen en weer.

Al moet de lente dit jaar wel heel ijverig haar best doen om door de koudegordel heen te breken, toch zal de zachte kracht van het jonge leven het uiteindelijk winnen!

En zo nu en dan tref je haar ineens…

Dat overkwam mij vanmiddag.

Ik liep, vergezeld van mijn hond ‘Tromp’ het rustgebied in, op zoek naar nestbomen. Twaalf bomen heb ik inmiddels geïnventariseerd en gemarkeerd.

De gedachte dat deze nesten bewaard blijven, maakte me blij.

Terwijl ik door mijn veldkijkertje naar omhoog tuurde, brak het zonnetje door de wolken heen en werd de lucht helder blauw.

Boven het perceel bosgrond, waar vorig jaar de houtkap plaatsvond, stegen door de warmte van de zon witte dampen naar omhoog die voortgestuwd werden door de wind.

Ik ging tegen de stam van een douglasspar aanzitten om dit tafereel te kunnen aanschouwen. Wat een rust..!

Heerlijk, die warme zonnestralen op mijn rug en schouders!

Wat schetste mijn verbazing, toen ik boven dat dorre houtveld ineens een gele citroenvlinder zag rondvliegen…en daar vloog er nog een…en iets verderop nog een.

Drie gele citroenvlinders dartelden vrolijk boven het kleurloze kreupelhout rond en leken net zo van de zonnewarmte te genieten als ik dat deed.

Aan het uiteinde van een groen sparretakje kroop voorzichtig een vuurrood lieveheersbeestje te voorschijn en ook in het grote, rode bosmierennest kwam beweging.

Tientallen mieren krioelden door elkaar heen en ‘dansten’ onafgebroken op een plek heen en weer.

Ik vermoedde dat ze dit doen om zich op te warmen in de zon.

Zoefff…daar vloog een dikke, honingbruine aardhommel langs m’n gezicht heen.

Snel verdween hij tussen de vele groene knopjes, die als sterretjes aan de donkerbruine takken fonkelden. Prachtig…!

Ik voelde de lentezon, ik zag de lentevlinders en ik rook het lentebos.

Ik kon niet langer blijven zitten bij het zien van zoveel fraais en dook dieper het bos in.

Laag hingen de zware sparretakken over de grond heen. Ineens trok iets ‘wits’ mijn aandacht. Van dichterbij genaderd, ontdekte ik dat het een lege eischaal was.

Het ei was in twee helften gebroken en lag daar, als stille getuige, vlak onder de boom. Ik keek goed in het rond en vond iets verderop al gauw een tweede lege eischaal.

Ik probeerde nu naarstig het nest te ontdekken, maar dat viel niet mee.

Het nest zat goed verborgen tussen de dichtbegroeide sparretakken.

Op de grond lagen, om de boom heen, kersverse braakballen..!

Nog meer bewijzen, dat hier in deze spar een roofvogelnest moest zitten, waarin twee jonge ‘roofjes’ het daglicht aanschouwden.

Het maakte me stil en gelukkig..!

Ik keek naar boven en zag de moederroofvogel hoog in de blauwe lucht om de boom heencircelen.

Met respect verwijderde ik me van de boom en besefte hoe we ook hieraan weer kunnen zien, dat God’s trouw nooit verandert.

Dit verhaal verscheen in de Elisabethbode (2001). De foto hieronder staat los van het verhaal.

schapen bij het vennetje
Lentemorgen op de hei: schapen bij het vennetje (17 maart 2009).

De nevels van de overgang

Mijn moeder Christien Mouw heeft vele, vele jaren samen met mijn vader een schaapskudde gehad in eigen beheer; na het overlijden van haar man en mijn vader Cos Mouw is ze nog jarenlang doorgegaan als schaapherderin totdat ze niet meer welkom was bij de nieuw gevormde stichting. Daarna ging ze achteruit. Maar in al haar jaren als herderin heeft mijn moeder nogal wat verhalen, gedichten en foto’s geproduceerd. Ook is ze vaak in interviews en op TV verschenen.

Eerst kwamen haar verhalenbundels Schemering (2001) en Omzwervingen (2004). In 2010 bedacht ze de titel voor een mogelijke derde verhalenbundel. Die zou Nevelflarden moeten gaan heten. De bundel zou uiteindelijk onder de titel Van lammertijd tot lammertijd (2012) verschijnen. Ook kwam er een leuk boekje over bijen houden, De fascinerende wereld van de bij (2014). Ze heeft ook geschreven voor o.a. de Elisabethbode, het Reformatorisch Dagblad en De Veluwenaar.

presentatie 2e boek
Klik op de afbeelding voor een grotere versie.

Begin 2021 werd mijn moeder ernstig ziek. Ze zal, in haar eigen woorden, terug “naar God” gaan. Toch ziet ze het als haar opdracht om toch nog zo lang mogelijk van de schepping en het leven te genieten zolang dat haar nog gegeven is. Daarbij citeert ze Luther: “Als ik weet dat morgen de wereld vergaat, plant ik vandaag nog een appelboom.” Lopen en spreken gaan bijna niet meer. Berichten op internet, via email e.d. kan ze niet of niet veel meer lezen. Ze is dankbaar voor de vele kaarten die ze gekregen heeft, en voor de mensen die in de kerk of daarbuiten voor haar bidden.

Morgen

Morgen is er een nieuwe dag
Morgen weer een nieuwe zon
Zie ik, wat ik vandaag niet zag
Kruipt de vlinder uit haar cocon

Morgen ligt nu nog verborgen
In de sluiers van de nacht
Waarin elvenkind’ren wiegen
Vlindervleugels trillen zacht

Ik zie vlinders in de morgen
Ik zie vlinders in de nacht
Laten we dansen over de bloemen
Laten we dansen, liefste; tot de morgen lacht

Ze hoopt dat haar schrijfsels, foto’s en ervaringen ook anderen kunnen motiveren om dicht bij de natuur te leven. Haar ervaringen op de Veluwe zullen daarom op deze website gedeeld worden. Ik hoop als zoon de eerste blogposts nog samen met mijn moeder te kunnen plaatsen. Dat is haar appelboom die nu nog geplant wordt. De titel van deze verzameling en deze website is Nevelflarden. De social media zal ik grotendeels beheren. Volg dit weblog via Twitter, Facebook, RSS of per email (zie de volgopties rechts of hieronder).

Vandaag mocht ik haar uit het ziekenhuis even meenemen om wat met de auto te toeren en even naar het bos te gaan. Morgen gaat ze naar huis.

in het bos
In het bos bij Hoog Buurlo. De boombladeren waren intens groen zoals ze alleen zijn in de lente, als ze net tevoorschijn zijn gekomen.

 

ijsje
Een ijsje bij Hoog Buurlo.